Blog

Kluisdagen in Vrijhern: toen zelfs de stoelen overbodig werden

Er zijn locaties waar ge aankomt, uw materiaal neerzet en denkt: hier gaan we straks zingen.

En dan is er De Kluis van Vrijhern.

Een oude kapel, vakwerk, bomen rondom, lichtslingers boven uw hoofd, tafels vol volk en ergens daartussen een podium waarop een hoop Zingende Mannen staat te wachten tot iemand zegt dat ze mogen beginnen. Ge moet al serieus uw best doen om daar géén gezellige avond van te maken.

Wij hebben dat risico niet genomen.

Eerst nog allemaal braaf

Voor de 43ste Kluisdagen mochten we op zondag 16 augustus drie keer een halfuur aantreden. Drie sets dus, verspreid over de avond. Bij ons eerste optreden zat het publiek nog behoorlijk voorbeeldig aan de tafels.

Wij trouwens ook.

Enfin, wij stonden recht.

We begonnen met de Drinkmedley, trokken daarna door Vlaanderen, doken de popmuziek in, gingen even naar Duitsland en passeerden zelfs langs gospel en een paar gouwe ouwe.

Een muzikale route waarvoor ge normaal minstens twee vliegtuigen en een Interrailpas nodig hebt. Maar het werkte.

De eerste stemmen uit het publiek begonnen mee te zingen. Stoelen draaiden richting podium. Hier en daar begon iemand voorzichtig mee te bewegen.

Ge kent dat.. Eerst alleen met de voet.. Dan een beetje met de schouders.
En voor ge het weet staat nonkel Jos recht en is er geen houden meer aan.

En toen kwamen de Smurfen

In onze tweede set stond onder andere de La La La-medley op het programma. Dat klinkt nog redelijk onschuldig. Tot het Smurfenlied begint.

Want een Smurfenlied gewoon netjes vanop het podium zingen? Dat zou wel héél gemakkelijk zijn.

Dus trok één van onze Zingende Mannen de kilt aan en ging de wei in. En alsof dat op zich nog niet genoeg vragen opriep, kwam Jef als Gargamel erachteraan.

Plots zat er midden tussen de tafels een achtervolging waarvan wij vrij zeker zijn dat Vader Abraham ze destijds niet in zijn oorspronkelijke choreografie had voorzien. Het publiek zag het graag gebeuren... Heel graag zelfs.

En zo stonden we daar: de mannen zingend op het podium, een Smurf-in-kilt op de vlucht tussen het publiek en Gargamel erachteraan alsof zijn leven ervan afhing. Ge kunt zoiets vooraf proberen uit te leggen. Maar ge kunt ook gewoon naar de foto kijken.

Die doet dat beter.

En vooral: ze bewijst dat we dit niet achteraf verzonnen hebben.

Van kijken naar meedoen

Vanaf dan veranderde er iets. De stoelen waren plots minder belangrijk.

Er werd gedanst tussen de tafels. Mensen haakten bij elkaar in. Armen gingen de lucht in. De ruimte vóór het podium, die bij het begin van de avond nog keurig vrij was, begon verdacht veel op een dansvloer te lijken. En het schoonste?

Jong en iets minder jong deed gewoon mee.

Dat is zo'n moment waarop ge vanop dat podium kijkt en beseft waarom ge dit eigenlijk doet. Natuurlijk zingen we graag. Natuurlijk proberen we de juiste noten te raken, sommige zelfs bewust.

Maar een optreden wordt pas echt plezant wanneer ge voelt dat er iets terugkomt.
En in Vrijhern kwam er véél terug.

Tegen set drie waren we vertrokken

Voor onze laatste dertig minuten zaten er nog Radio's-, ABBA-, Polonaise- en Ambiance-medley in de schuif. Tegen dan hoefden we het publiek niet bepaald meer schriftelijk uit te nodigen om mee te doen.

De polonaise deed wat een polonaise hoort te doen: mensen met elkaar verbinden die vijf minuten voordien waarschijnlijk nog rustig aan verschillende tafels zaten. Dat blijft toch een wonderlijk fenomeen.

Ge zet het juiste muziekje in en volwassen mensen beslissen collectief dat het een uitstekend idee is om met de handen op elkaars schouders door een wei te stappen.

En niemand stelt vragen.

Zo hoort dat.

De avond eindigde zoals hij ondertussen bezig was: met veel volk voor het podium, veel beweging, brede glimlachen en Zingende Mannen die stilaan begonnen te beseffen dat drie keer dertig minuten toch nét iets anders is dan anderhalf uur rustig op een stoel zitten.

Sommige avonden moet ge niet uitleggen

Achteraf kunt ge natuurlijk proberen samen te vatten hoe zo'n avond was.

Gezellig?
Zeker.
Veel volk?
Absoluut.
Ambiance?
Amai.

Een dikke merci aan de organisatie van de Kluisdagen, aan alle helpende handen rond De Kluis en vooral aan het publiek dat van onze drie optredens mee een feest heeft gemaakt.

Wij kwamen om drie keer een halfuur te zingen.

We vertrokken met het gevoel dat we zelf ook naar een feestje waren geweest.